Internetsector smeekt politiek om personeel

News 4 minutes read February 2017

11 feb 2017 Rob Goossens, DFT

De Nederlandse online industrie staat in volle bloei. Toch dient de volgende Booking of Thuisbezorgd zich niet vanzelf aan. Online topondernemers waarschuwen de politiek in de aanloop naar de verkiezingen. “We concurreren met elkaar om een te kleine groep mensen.”

Ze stonden alle vijf aan de basis van een online miljoenenonderneming, en hun agenda’s zijn permanent volgeboekt. Maar een gesprek over de toekomst van Nederland, daarvoor wilden Bas Beerens (WeTransfer), Joelle Frijters (Improve Digital), Jitse Groen (Thuisbezorgd), Marijn Pijnenborg (Funda) en Steven Schuurman (Elastic) wel tijd uittrekken.

Want hoewel de politiek maar niet uitgepraat raakt over start-ups, voelen zij zich niet gehoord door Den Haag. ‘Zij’ zijn zogeheten scale-ups – start-ups die in een groeispurt terecht zijn gekomen. Maandelijks stappen hele groepen nieuwe werknemers bij hun bedrijven naar binnen, maar dat houdt volgens hen een keer op als ze geen hulp krijgen van de politiek.

Aanzuigende werking

Steven Schuurman van Elastic, een bedrijf dat getipt wordt als volgende Nederlandse miljardenonderneming: “Technologiebedrijven concurreren met elkaar om een te kleine groep mensen. Dat kan niet eeuwig zo doorgaan. We moeten mensen uit het buitenland halen, of we gaan zelf naar het buitenland.”

Schuurman en zijn collega-ondernemers maken zich dan ook zorgen over geluiden dat de grenzen dicht zouden moeten. Jitse Groen (Thuisbezorgd): “De VS kunnen het zich permitteren om zich niks van de wereld aan te trekken. Wij zijn voor onze welvaart afhankelijk van het buitenland.”

Sommige politieke partijen vrezen dat er alleen maar meer migranten komen. Groen ziet dat juist wel zitten. “Laat die aanzuigende werking maar komen! Een bloeiende online sector is goed voor Nederland. In e-commerce doen we er al echt toe. Toen we in BelgiĆ« begonnen, waren we daar zowat de eerste.”

Niet gehoord

Hoewel de groep zeer bereid is om in Den Haag mee te denken, trekt de politiek zijn plannen zonder de groeiondernemers om advies te vragen. “Voor de problemen van start-ups is er volop aandacht, maar bedrijven die serieus beginnen te groeien raken al snel bekneld”, vertelt Frijters.

Om zich toch te laten horen, heeft de online industrie zelf een platform gecreĆ«erd. LOEY Vision is het vierde initiatief van stichting Leading Online Entrepreneur of the Year (LOEY), die zich inzet voor het stimuleren van online ondernemerschap in Nederland. De stichting is opgericht door topinvesteerders Hubert Deitmers (Endeit Capital) en investeerder Heleen Dura – Van Oord (DQ&A).

Nabestaanden in knel

De enorme groei die scale-ups doormaken, zorgt onder meer voor een probleem met de belastingen, vertelt Bas Beerens (WeTransfer). “Bij mijn bedrijf WeTransfer is iemand met een optiepakket overleden. Omdat je in Nederland over de papieren waarde van een bedrijf belasting betaalt, kregen de nabestaanden een enorme aanslag. Je kunt dan geen kant op. De aandelen kun je niet zomaar verkopen maar de belastingdienst wil wel vangen.”

Bescheidenheid

De oprichter van Thuisbezorgd verbaast zich over de bescheidenheid van Nederland. “Zelfs Zuid-Frankrijk en Ierland zetten zwaar op online in. Als je landen vergelijkt met bedrijven, dan is de salesafdeling van Nederland onderbezet.”

Frijters: “Nederland onderschat zichzelf ook. Een trip naar Silicon Valley is de grootste concurrent voor Nederlandse bedrijven. Inkopers komen enthousiast terug met een stapel contracten, en dan denk ik: daarvoor had je nou echt niet naar de VS gehoeven.”

Tegelijkertijd stelt Nederland eisen aan Nederlandse bedrijven waar buitenlandse bedrijven geen hinder van ondervinden, aldus Frijters. “Iedereen wordt gek van die verzoeken om cookies in te schakelen. Dan hoor ik: ‘Bij Facebook hoeft het toch ook niet?’ Nee, want ingelogde gebruikers hoef je geen toestemming te vragen. De Amerikanen zijn lachende derde bij dit soort wetgeving.”

Brutaliteit

Volgens Jitse Groen heeft dat ook te maken met brutaliteit, ziet hij tot zijn ergernis. “Een bedrijf als Uber trekt zich niks aan van dingen als sociale premies. Concurrenten die zich wel netjes opstellen tegenover hun werknemers, zijn daardoor duurder. Nogal wiedes, maar ze worden wel kapot geconcurreerd. Dat is toch onbestaanbaar?”

Hij denkt dat zogeheten ‘rulings’ voor innovatieve bedrijven een oplossing zijn. “Multinationals kunnen afspraken maken met de belastingdienst over hun afdrachten. Laten we dat ook doen met bedrijven die overduidelijk innovatief bezig zijn. Dat de overheid zegt: eigenlijk mag dit niet, maar we staan het jou toch toe.”

‘We doen het zelf wel’

De ondernemers zijn er niet over uit of een minister voor digitalisering een goed idee is. “Welnee”, zegt Schuurman. “Als de markt iets opzet, werkt de politiek dit tegen omdat ze zelf met de eer wil strijken. Geef ons de ruimte, dan doen we het zelf wel.”

Dat ‘zelf doen’ gaat hem goed af. Met zijn stichting FutureNL, waarmee hij kinderen in de klas leert programmeren. Daarmee stond hij mede aan de wieg van het wereldrecord dat ruim 11.000 scholieren jongstleden oktober neerzetten door tegelijkertijd te leren programmeren.

‘Gewoon beginnen’

Marijn Pijnenborg, oprichter van huizensite Funda, juicht dit initiatief toe. “Er wordt weleens gedaan alsof programmeren zoiets is als voetballer worden: alleen de allerbesten redden het. Maar dat is niet zo. Iedereen kan het. Je moet gewoon beginnen.”